Tisa's
Parelzverhalen
*
Groeten
uit Macabria (2009)
*
Suikeroom
(2009)
*
Onkruid,
een moden sprookje (
2010)
*
Vlucht van een smaakbarbaar (verwacht
2010) In redactie bij
Parelz
__________________________________________________________________________
Over
Parelz
Uitgeverij
Parelz komt met een totaal nieuwe benadering van boeken lezen:
op de website van Parelz kan iedereen zijn eigen boek samenstellen.
Het werkt heel simpel: kies uit gloednieuwe verhalen van Nederlandse
en Vlaamse schrijvers in de genres spannende, fantastische en
algemene literatuur. Heb je er voldoende voor een boek, kies dan
een omslag uit een selectie van kunstwerken gemaakt door Nederlandse
kunstenaars. Bedenk de titel van het boek, eventueel een subtitel
en een opdracht en het boek is klaar om speciaal voor jou gedrukt
te worden.
Klik
hier om naar de Parelzwebsite te gaan
Trailer
Parelz
Parelz
vol liefde Deze Parelz Selectbundel, met
daarin Tisa's verhaal 'Onkruid', is tot 1 juni 2010 te bestellen!
Natuurlijk kun je ook zelf een boek samenstellen met dit verhaal
erin.
__________________________________________________________________________
Korte
inhoud en fragmenten
Groeten
uit Macabria (2009)
Zijn
vrouw is voor zijn ogen verkracht en vermoord door negers. Zijn
haat voor negers zoekt en vindt een uitlaatklep in een wel heel
speciale reis…
Fragment
Ik
was samen met mijn vrouw, Marissa, naar een feestje bij vrienden
geweest en omdat we allebei teveel gedronken hadden om nog te
kunnen rijden, besloten we lopend terug naar huis te gaan. We
waren nog maar twee blokken van ons huis verwijderd toen ik het
onbehaaglijke gevoel kreeg gevolgd te worden. Vlug wierp ik een
blik over mijn schouder, maar er was niemand te zien. Marissa
had niets in de gaten. Ik denk dat ze simpelweg te dronken was.
Ze liep te zwaaien op haar benen en kreeg zo nu en dan een onbedaarlijke
lachbui waarmee ze mij aanstak.
‘Ik
heb zo’n zin in seks,’ hikte ze tussen twee lachbuien door, ‘Als
we straks thuis zijn ruk ik de kleren van je lijf.’ Ze sloeg haar
armen om mijn nek en belette me verder te lopen. Haar ogen glinsterden
ondeugend. Ze kuste me op mijn mond, terwijl ze een hand naar
mijn kruis liet afdalen. Zachtjes knedend bezorgde ze me een stijve,
terwijl ik haar woest terugkuste en met mijn handen naar haar
kont en borsten graaide.
Marissa
brak onze kus af en leunde grinnikend achterover. ‘Stoute jongen,’
bestrafte ze me. ‘Het is niet netjes om een dame in het openbaar
onzedelijk te betasten. Ik denk dat we –’ Ineens stopte ze. Haar
ogen werden groot. Ze waren niet langer op mij gericht, maar op
iets dat zich achter me bevond. Vliegensvlug draaide ik me om
en kwam oog in oog te staan met vier jongemannen van Afrikaanse
afkomst. Hun gezichten waren grotendeels verscholen achter rode
zakdoeken en honkbalpetten. De grootste had een pistool dat hij
met griezelige kilheid op mijn hoofd gericht hield. Ik opende
mijn mond om te vragen wat ze van ons moesten, maar kreeg niet
de kans om ook maar iets te zeggen.
‘Kop dicht en meekomen!’ snauwde de jongen met het pistool. Gedwee
liepen we mee. We konden niet anders, al had ik de jongens liefst
een voor een op hun bek geslagen. Maar ik wilde ze geen reden
geven om Marissa iets aan te doen. Op dat moment verkeerde ik
nog in de veronderstelling dat ze het op ons geld of onze pincodes
voorzien hadden. Ik dacht dat ze ons na beroving wel zouden laten
lopen. Niets was minder waar. In het naburige park hielden we
halt. Ik moest op de grond knielen, terwijl Marissa voor mijn
ogen werd verkracht en in koelen bloede vermoord. Zelf werd ik
enkel door een kogel in mijn been geraakt. Waarom de jongens op
de vlucht sloegen zonder het karwei af te maken weet ik niet.
In ieder geval zijn zij de reden dat ik de schurft aan negers
heb.
Suikeroom
(2009)
Dit
verhaal speelt zich af op een donkere vooravond van de decembermaand,
De hoofdpersoon heeft genoeg van de manier waarop zijn suikeroom
hem benadeelt en laat zich leiden door een bizar plan. Leeswijzerindicatie:
dit verhaal is niet geschikt voor kinderen onder 12 jaar.
Fragment
Familie vraagt u? Laat me niet lachen. Mijn enige nog levende
familielid staat erop dat ik hem Suikeroom noem. Hij ziet zichzelf
als mijn grote voorbeeld en denkt dat ik dat ook doe. Nou, dat
kan hij dus mooi op zijn bolle buik schrijven. Want al wil het
maar niet tot zijn botte kop doordringen, Suikeroom is een blok
aan mijn been. Een man die een eenmansbedrijf runt in de zuiverste
zin van het woord. Een nagel aan mijn doodskist. De personificatie
van het woord egoďsme, hoewel hij zijn uiterste best doet om de
schijn op te houden tegenover de buitenwereld. Een buitenwereld
die er nog intrapt ook. Ongelooflijk! Dat Suikeroom aan de andere
kant van de Atlantische Oceaan verblijft, doet niets af aan mijn
ergernis. Ieder jaar weer word ik tegen wil en dank met zijn snode
praktijken geconfronteerd. Elke keer opnieuw moet ik met lede
ogen aanzien hoe hij zijn werkgebied uitbreidt en mijn reputatie
ruďneert. Overigens heeft hij zelf een heel ander idee over de
gruwelen die hij mij aandoet. Hij is van mening dat hij me een
zetje in de goede richting geeft. Een zetje de afgrond in, zal
hij bedoelen. Hoe dan ook, eens zullen we het nooit worden. En
ik ben het spuugzat. Hoog tijd dus om er iets aan te doen. Maanden
geleden ben ik al met de voorbereidingen begonnen om Suikeroom
zijn genadeloze werkwijze betaald te zetten. Zoals je waarschijnlijk
wel zult begrijpen, heeft een dergelijke onderneming nogal wat
voeten in de aarde. Niet in de laatste plaats omdat ik de wet
ermee overtreed. Dat is een noodzakelijk kwaad waar ik niet omheen
kan, hoe graag ik ook zou willen.
Onkruid
(2010)
Een modern sprookje over liefde, twijfel en verleiding, dat zich
afspeelt in een huis dat overal kan staan. Het vertelt het verhaal
van verzorging van de tuin rond het huis, tegelijk met de zielenroerselen
van de vrouw des huizes.
Fragment
Moira
zat in haar eentje aan tafel. Haar elleboog steunde op het tafelblad,
haar kin rustte op haar gebalde vuist. Met haar andere hand roerde
ze afwezig in een dampende kop thee. Ze tuurde met half toegeknepen
ogen naar buiten, waar het hartje zomer was. De zon scheen fel
en deed de temperatuur zelfs op dit vroege tijdstip al tot boven
de vijfentwintig graden oplopen. In huis was het veel koeler.
Daarom was Moira liever daar. Ze hield niet van hitte, omdat ze
nauwelijks zweette. Blootgesteld aan de felle zon stond ze voor
ze het wist te tollen op haar benen. Dus bleef ze binnen, op haar
lievelingsplekje bij het raam dat uitkeek op de weelderige tuin
die het kleine vrijstaande huis omringde. In de tuin stond het
vol met zomerbloemen en bloeiende kruiden. Insecten vlogen af
en aan. Vlinders fladderden door de lucht en deden haar denken
aan de blaadjes die in de herfst van de bomen dwarrelden. Hier
en daar hing een spinnenweb waarvan de draden glommen in de zon.
Het kortgeleden gezaaide gras was prachtig van kleur en bewoog
heen en weer in de warme wind, als een golvende groene zee. Midden
op het veld stonden een appelboom en een kersenboom. De takken
van de rozenstruiken, aan de rand van het gras, bogen door onder
het gewicht van de vele bloemen. Van alle bloemen in de tuin,
vond Moira de rozen het mooist. Niet alleen omdat de roodtint
diep en fluwelig was, maar vooral omdat ze de rozen met liefde
associeerde. Ze hield ervan om de tere bloemblaadjes aan te raken
en de heerlijke geur ervan op te snuiven. Zolang de rozen in de
tuin bloeiden, was de liefde tastbaar. Luca stond in gebogen houding
op het gazon. Moira zag dat hij de paar sprietjes onkruid die
zich in het gras genesteld hadden uit de grond trok. Met wortel
en al, zodat de plantjes niet opnieuw konden opkomen. Vooral voor
de paardebloemen was hij meedogenloos. Zodra hun zaadbollen door
de wind uiteengeblazen werden en alle kanten op zweefden, was
er geen redden meer aan. Voor ieder paardebloem die kans zag haar
zaad de lucht in te schieten, kwamen er minstens tien soortgenoten
bij. Dat betekende nog meer werk, waar Luca niet op zat te wachten.
__________________________________________________________________________